In het besluit maatschappelijke ondersteuning worden de gronden genoemd om een aanvraag voor een pgb te weigeren. Een aanvraag voor een pgb kan geweigerd worden indien:
de cliënt naar het oordeel van het college niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 2.3.6, tweede lid van de Wet;
het pgb is aangevraagd voor een maatwerkvoorziening die het college in collectieve vorm aanbiedt;
de ondersteuning die de cliënt met het pgb wenst in te kopen naar het oordeel van het college niet of niet in voldoende mate zal bijdragen aan het bereiken van het beoogde resultaat;
de cliënt naar het oordeel van het college:
1° de aanvraag niet kan motiveren en toelichten;
2° geen vaste woon- of verblijfplaats heeft;
3° problematische schulden heeft of een schuldsaneringstraject doorloopt;
4° verwijtbaar onder toezicht staat of een bewindvoerder heeft; onder verwijtbaar wordt verstaan dat de persoon handelingen heeft verricht of keuzes heeft gemaakt die ertoe hebben geleid dat toezicht of bewindvoering noodzakelijk is.
5° redelijkerwijs niet in staat kan worden geacht het pgb te beheren of een daartoe gemachtigde niet beschikt over het keurmerk van het Keurmerkinstituut;
6° een gemachtigde of beheerder van het pgb heeft aangewezen die tevens uitvoerder is van de met het PGB ingekochte ondersteuning;
7° belangenbehartigers, bemiddelingbureaus en tussenpersonen betaalt uit het pgb.
er sprake is van ondersteuning in een spoedeisende situatie, als bedoeld in artikel 2.3.3 van de Wet;
het pgb bestemd is voor besteding in het buitenland;
de ondersteuning die door één en dezelfde persoon geleverd wordt meer bedraagt dan 48 uur per week. Bij het vaststellen of er meer dan 48 uur per week ondersteuning wordt geleverd, kan ook de hoeveelheid ondersteuning worden meegenomen die deze persoon, via een pgb of andere wijze, levert aan andere personen of gezinsleden.
het pgb gebruikt wordt voor andere kosten dan het leveren van de ondersteuning. Onder andere kosten wordt ook verstaan reiskosten of begeleidings- of administratiekosten in verband met het beheren van een pgb.
In afwijking van lid 1 sub f kan het college toestemming geven om, uitsluitend in noodzakelijke gevallen, de toegekende ondersteuning individuele begeleiding die met het pgb ingekocht wordt ook in te zetten tijdens een vakantie.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.4
Weigeringsgronden van aanvraag voor pgb
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Oostzaan 2016