Het college vordert, bij beëindiging van de uitkering voordat de formele vestiging van de krediethypotheek of het pandrecht tot stand is gekomen, het bedrag aan inmiddels verstrekte uitkering voor levensonderhoud en de eventueel verstrekte bijzondere bijstand voor de kosten tot vestiging terug indien:
de betrokkene niet (meer) wenst mee te werken;
de betrokkene op andere wijze in de kosten van levensonderhoud gaat voorzien;
de woning is verkocht.
HOOFDSTUK 4
Artikel 14.