**1..** Het college kan een belanghebbende met een lange afstand tot de arbeidsmarkt een tegenprestatie opdragen.
**2..** Bij het opdragen van een tegenprestatie houdt het college rekening met de volgende factoren:
de tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden verricht door een belanghebbende;
de persoonlijke situatie en individuele omstandigheden van een belanghebbende moeten in aanmerking worden genomen;
de persoonlijke wensen en kwaliteiten van een belanghebbende moeten in overweging worden genomen.
**3..** In afwijking van het eerste lid draagt het college geen tegenprestatie op aan:
de belanghebbende die vrijwilligerswerk verricht dat naar aard en omvang minimaal vergelijkbaar is met een tegenprestatie als bedoeld in deze verordening;
de belanghebbende die mantelzorg verricht;
de belanghebbende die een inburgerings- of een re-integratietraject volgt of een ander traject dat gericht is op arbeidsinschakeling;
**4..** Het college legt aan de belanghebbende de verplichting op om zelf onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verkrijgen en te aanvaarden.
**5..** Het college biedt de belanghebbende daarvoor een zoekperiode van één maand.
**6..** Als de belanghebbende na de zoekperiode zoals aangegeven in lid vijf, er niet in is geslaagd om onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verkrijgen, dan biedt het college de belanghebbende ondersteuning totdat betrokkene iets heeft gevonden.
Artikel 3
Het opdragen van een tegenprestatie
Onderdeel van Verordening tegenprestatie Gemeente Mook en Middelaar 2016