Met eigen kracht wordt bedoeld de mogelijkheid van een cliënt zelf bij te dragen aan zijn zelfredzaamheid of participatie. Dit komt niet alleen tot uitdrukking op het moment dat een cliënt al belemmeringen heeft, maar ook daarvoor. Van een cliënt wordt verwacht dat hij anticipeert op een levensfase waarin belemmeringen niet ongebruikelijk meer zijn, bijvoorbeeld door tijdig te verhuizen naar een gelijkvloerse woning in verband met afnemende mobiliteit.
Een cliënt wordt gestimuleerd zelf de regie te voeren en eigen mogelijkheden te benutten. Voor het versterken van de eigen kracht zijn persoonlijke eigenschappen (wie is de cliënt), talenten en vaardigheden (wat kan de cliënt), zingeving (wat wil de cliënt), krachten en mogelijkheden in de omgeving (wat heeft de cliënt) en kennis en ervaring (wat weet de cliënt) van belang. Door de cliënt te wijzen op zijn eigen mogelijkheden wordt hij gestimuleerd eigen talenten in te zetten om een oplossing voor zijn beperkingen te vinden. Een ondersteuningsvraag kan mogelijk worden opgelost met het aanschaffen van een algemeen gebruikelijke voorziening of door ondersteuning van de gezinsleden.
Het gebruik maken van de eigen kracht betekent ook dat de cliënt de aanschaf van algemeen gebruikelijke voorzieningen zelf bekostigt en een passende aanvullende ziektekostenverzekering afsluit die aansluit bij zijn situatie.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.4
Eigen kracht
Onderdeel van Uitvoeringsregels maatschappelijke ondersteuning Bloemendaal 2016