Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Invorderingsprocedure

Onderdeel van Beleidsregels invordering privaatrechtelijke vorderingen gemeente Leeuwarden

De medewerker invordering tracht voor zover mogelijk de onderstaande volgorde van maatregelen t.b.v. de invordering aan te houden: 1. Vervaardiging en verzending 1e betalingsherinnering. 2. Controle naam/adres/woonplaats/datum van inschrijving (na elk retour ontvangen stuk). 3. Bij uitblijven van betaling worden stappen 1 en 2 herhaald voor de 2e betalingsherinnering. 4. Wanneer na de 2e betalingsherinnering de nota nog niet is voldaan wordt contact opgenomen met de budgethouder of kredietbeheerder (interne opdrachtgever vordering) om situatie te bespreken. 5. Na contact met budgethouder of kredietbeheerder wordt telefonisch contact opgenomen met de debiteur om situatie te bespreken. 6. Wanneer blijkt dat de vordering (al dan niet tijdelijk) ingetrokken dient te worden, dient te worden vastgesteld wat de reden hiervoor is:6.B.1 indien de nota niet opgesteld had mogen worden dient deze te worden gecrediteerd;6.B.2 indien de nota juist is opgesteld dient deze als oninbaar te worden aangemerkt. 7. Wanneer na de 3e betalingsherinnering de nota nog niet is voldaan wordt de vordering uit handen gegeven aan het incassobureau. Inzet van het incassobureau strekt zich tot reguliere inningactiviteiten en indien noodzakelijk, op expliciet verzoek van de medewerker invordering, tot het nemen van gerechtelijke stappen. 8. Bij inning van de vordering dienen de ontvangsten geboekt te worden op betreffende nota. 9. Indien de vordering oninbaar blijkt te zijn: 9.a. controle van eventuele verhaalsmogelijkheden; 9.b. voorstel maken om betreffende nota oninbaar te verklaren (aan gemandateerde ambtenaar).

Rechtspraak bij dit artikel