Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2.1

Seksinrichtingen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Eindhoven

1.. Het is verboden een seksinrichting of escortbedrijf te exploiteren of te wijzigen zonder vergunning van het bevoegd bestuursorgaan. 2.. In de aanvraag om vergunning worden in ieder geval vermeld: a.. door welke perso(o)n(en) de seksinrichting of het escortbedrijf zal worden geëxploiteerd; b.. door welke perso(o)n(en) de seksinrichting of het escortbedrijf zal worden beheerd; c.. het aantal werkzame prostituees; d.. de aard van de seksinrichting of het escortbedrijf; e.. de plaatselijke en kadastrale ligging van de inrichting door middel van een situatietekening waarop ten minste twee straten staan aangegeven met een schaal van ten minste 1:1.000; f.. de plattegrond(en) van de inrichting door middel van een tekening met een schaal van ten minste 1:100; g.. bewijs van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel; h.. bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimte bestemd voor de seksinrichting. 3.. In de vergunning worden in ieder geval vermeld: a.. de persoonsgegevens van de exploitant; b.. de persoonsgegevens van de beheerder; en c.. de aard van de seksinrichting of het escortbedrijf. 4.. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. 5.. De vergunning vervalt vijf jaar na de datum van inwerkingtreding.

Rechtspraak bij dit artikel