**a..** Commerciële relatie: voor de toepassing van deze beleidsregel wordt aangesloten bij de definitie van de CRvB, namelijk:
De belanghebbende moet de zakelijke overeenkomst aantonen, waarbij de wederzijdse rechten en plichten geregeld en nauwkeurig afgebakend zijn.
De belanghebbende moet desgevraagd op een voor het college eenvoudig te controleren manier aantonen dat hij regelmatig aan de betreffende derde op zakelijke basis een vergoeding betaalt voor de inwoning. Dit moet door middel van bank- of giroafschriften kunnen worden aangetoond.
Er is sprake van een schriftelijk contract als bewijs van de commerciële relatie.
Periodieke prijsverhogingen blijken uit het contract danwel (kunnen) worden doorgevoerd.
**b..** Naast een commerciële relatie dient de huurder, onderhuurder of kostganger een commerciële huurprijs te betalen. Onder commerciële huurprijs wordt verstaan: het bedrag van de basishuur als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag. Dat is het bedrag dat voor de vaststelling van het recht op huurtoeslag bij een inkomen op bijstandsniveau voor eigen rekening blijft.
**c..** Indien het om een overeengekomen huurbedrag gaat, waarin water- en energielasten zijn inbegrepen, wordt 60% van het totale huurbedrag aangemerkt als basishuur. Op basis van het bedrag voor basishuur, wordt er bezien of sprake is van een commerciële huurprijs als bedoeld in sub b.
**d..** Commerciële prijs bij kostgangers: bij de basishuur als bedoeld in het sub b wordt een bedrag opgeteld voor voeding van € 182,50 per maand.
Artikel 1