Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2009

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: vakantieonderkomens: woningen en andere verblijven, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto's, toercaravans en soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden; vaste jaarplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een jaar hebben van een zelfde mobiel kampeeronderkomen, stacaravan of vakantieonderkomen, dat doorgaans na afloop van het jaar niet wordt verwijderd; vaste seizoenplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een seizoen hebben van een zelfde mobiel kampeeronderkomen, stacaravan, of vakantieonderkomen, dat doorgaans na afloop van het seizoen niet wordt verwijderd en waarin het gedurende de winterperiode niet toegestaan is te overnachten; seizoenplaats: een terrein of terreingedeelte waar gedurende het seizoen hetzelfde mobiel kampeeronderkomen is geplaatst en dat na afloop van het seizoen wordt verwijderd; toeristische plaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een jaar of seizoen plaatsen van steeds wisselende mobiele kampeeronderkomens; standplaats ten behoeve van een arrangement: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een arrangement in de periode van 1 april tot en met 30 juni of van 1 september tot en met 31 oktober van een kalenderjaar hebben van een mobiel kampeeronderkomen.

Rechtspraak bij dit artikel