De Rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de
uitvoering van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde
onderzoeksopzet.
De Rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
tussentijds te informeren.
De Rekenkamercommissie is bevoegd van alle leden van het
gemeentebestuur en van alle ambtenaren de mondelinge en
schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor
de uitvoering van het onderzoek. De Rekenkamercommissie kan de
bevoegdheid tot het inwinnen van inlichtingen mandateren aan de
medewerkers die haar bij de uitvoering van haar taak terzijde
staan. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de
gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door
de Rekenkamercommissie gestelde termijn te verstrekken.
De Rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten
zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10
van de Wet openbaarheid van Bestuur kan de Rekenkamercommissie
rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan
als geheim aanmerken. De leden van de Rekenkamercommissie en
degenen die ten behoeve van de Rekenkamercommissie werkzaam
zijn, zijn verplicht tot geheimhouding van al hetgeen hen in hun
hoedanigheid als lid, respectievelijk medewerker ter kennis is
gekomen.
De Rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen
beleggen.
De Rekenkamercommissie stelt betrokkenen in de gelegenheid om
binnen een door haar te stellen termijn die ten hoogste drie
weken bedraagt, hun zienswijze op het feitenonderzoek aan de
Rekenkamercommissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen
wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is
geweest. De Rekenkamercommissie bepaalt wie verder als
betrokkenen worden aangemerkt.
Na de ambtelijke hoor en wederhoor ten aanzien van de feiten
zoals bedoeld in lid 6 formuleert de Rekenkamercommissie haar
conclusies en aanbevelingen en voegt deze toe aan het
onderzoeksrapport.
Indien het een korte toets betreft dan wordt het
onderzoeksrapport met daarin de conclusies en aanbevelingen, na
vaststelling door de Rekenkamercommissie, zo spoedig mogelijk
gelijktijdig aan het college van B&W en de raad aangeboden.
Hierbij wordt de ambtelijke reactie gevoegd. De raad bespreekt
de onderzoeksresultaten op basis van het onderzoeksrapport.
Indien het een onderzoek betreft stelt de Rekenkamercommissie
het college van B&W in de gelegenheid om binnen een door
haar te stellen termijn die ten hoogste drie weken bedraagt, hun
zienswijze op het onderzoeksrapport aan de Rekenkamercommissie
kenbaar te maken.
Indien het een onderzoek betreft dan wordt na vaststelling door
de Rekenkamercommissie het onderzoeksrapport met daarin de
conclusies en aanbevelingen zo spoedig mogelijk, aan de raad
aangeboden. Hierbij worden de ambtelijke en bestuurlijke
reacties gevoegd. De raad bespreekt de onderzoeksresultaten op
basis van het onderzoeksrapport.
Paragraaf 3
Artikel 9
Uitvoering van het onderzoek en rapportage
Onderdeel van Verordening op de Rekenkamercommissie gemeente Blaricum 2011