Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6

Artikel 6.4

Vaststellen hoogte persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Leidschendam-Voorburg 2016

1.. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor hulpmiddelen bedraagt in ieder geval niet meer dan de huur- dan wel aanschafprijs van de goedkoopst passende bijdrage, waaronder gerekend onderhoud, reparatie en verzekering zoals die door het college aan de aanbieder verschuldigd is of zou zijn. 2.. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor woningaanpassingen bedraagt in ieder geval niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura. 3.. De hoogte van het persoonsgebonden budget waarmee diensten worden ingekocht bij een professionele ondersteuner (organisatie) bedraagt niet meer dan het tarief waarvoor het college deze diensten heeft gecontracteerd. Het college kan rekening houden met een bepaald percentage van dat tarief. 4.. In afwijking van het vorige lid wordt het persoonsgebonden budget voor beschermd wonen, indien het persoonsgebonden budget niet wordt besteed aan het feitelijk wonen binnen een instelling, vastgesteld op basis van de (afzonderlijk) te indiceren ondersteuning. Daarbij blijven de woonkosten, zoals huur en andere vaste lasten, buiten beschouwing. 5.. De hoogte van het persoonsgebonden budget waarmee diensten worden ingekocht bij een persoon die niet als professionele ondersteuner (organisatie), waaronder ook de persoon uit het sociale netwerk, wordt aangemerkt wordt vastgesteld op basis van een tarief dat in ieder geval lager is dan welke geldt voor in het derde lid en bedraagt maximaal het op grond van artikel 5.2.2 tweede lid van de Regeling langdurige zorg geldende tarief. 6.. Het college stelt nadere regels voor de hoogte van het persoonsgebonden budget voor de gedifferentieerde tarieven voor diensten, rekening houdend met de reële overheadkosten, de kwaliteit en de van toepassing zijnde professionele standaard. 7.. Het persoonsgebonden budget moet toereikend zijn om geïndiceerde maatschappelijke ondersteuning in te kunnen kopen welke voldoet aan de kwaliteit met betrekking tot het doel (resultaat) waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel