Het college bepaalt de hoogte van de subsidie op basis van de door het college noodzakelijk geachte subsidiabele kosten, met in achtneming van de onder lid 3 van dit artikel genoemde wegingscriteria.
De hoogte van de subsidie voor een lokale omroep wordt bepaald aan de hand van het aantal woningen maal een vast bedrag.
Bij de beoordeling van de subsidieaanvragen worden de volgende wegingscriteria in acht genomen:
Doeltreffendheid
Ons uitgangspunt is dat subsidie wordt verleend voor activiteiten. Daarbij gaat het om de vraag of de activiteiten voldoende bijdragen aan de beleidsdoelen die zijn vastgesteld en de gewenste maatschappelijke effecten. Dit noemen we doeltreffendheid. Welke doelen we nastreven en wat we daarbij van organisaties verwachten hebben we beschreven in artikel 2, 4 en 5.
-Doelmatigheid
Een belangrijke voorwaarde voor subsidie is dat de activiteit doelmatig is. Daarbij gaat het om de vraag of een subsidiebedrag aanvaardbaar is ten opzichte van wat daarmee bereikt wordt en of de budgetten efficiënt worden ingezet. We verwachten dat organisaties een inzichtelijke en logische kostprijsopbouw van de activiteiten leveren.
-Financiële draagkracht
Bij de subsidieverlening doen we een beroep op de eigen verantwoordelijkheid van inwoners en organisaties. Subsidie wordt alleen verleend als financiering door de gemeente noodzakelijk is en de overige mogelijkheden voor het verkrijgen van inkomsten voldoende zijn benut. Subsidieverlening vormt zo het sluitstuk. We verwachten van organisaties dat zij hun draagkracht maximaal benutten door zich voldoende in te spannen om inkomsten te werven uit deelnemersbijdragen, contributie, entreeprijzen, donaties, fondsen en sponsoring, et cetera. Het eigen vermogen, maar ook bijvoorbeeld middelen die via gelieerde organisaties beschikbaar kunnen worden gemaakt, maken deel uit van de beoordeling van de aanvraag. De wijze waarop het eigen vermogen wordt meegewogen is afhankelijk van individuele omstandigheden.
-Vernieuwing
Van organisaties wordt verwacht dat zij hun aanbod regelmatig evalueren zodat het blijft voldoen aan de behoefte van de doelgroep en aansluit bij de doelen van de gemeente. Ook is het belangrijk dat organisaties oog houden voor veranderingen in de vraag van de samenleving. Nieuwe innovatieve projecten die een vliegwiel vormen naar concrete verbeteringen in de samenleving kunnen ter stimulering worden ondersteund met een eenmalige subsidie.
-Samenwerking
De activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend staan over het algemeen niet op zichzelf. Zij zijn onderdeel van een sociale structuur en de buurt. We verwachten dat de activiteiten bijdragen aan de betrokkenheid van inwoners bij de samenleving. Van organisatoren wordt gevraagd om open te staan voor andere organisatie met dezelfde doelen of voor initiatieven in de buurt en zo mogelijk verbindingen te leggen. Samenwerking schept kansen voor nieuwe initiatieven en verlaagt de drempels om deel te nemen aan activiteiten.
-Toegankelijkheid
De gemeente hecht sterk aan een toegankelijk aanbod van activiteiten en voorzieningen. Hierbij gaat het om de vraag of een organisatie open is naar de samenleving en de buurt. We verwachten dat organisaties de interactie zoeken met de buurt en voldoende bekendheid geven aan de activiteiten. Daarbij is het van belang dat organisaties open staan voor inwoners met een beperking en kwetsbare groepen. Het uitgangspunt is dat deze groepen inwoners zo veel mogelijk in staat worden gesteld om deel te nemen aan het reguliere aanbod van activiteiten en voorzieningen.