Het college kan besluiten om de bestuurlijke boete te matigen, indien de belanghebbende aannemelijk maakt dat op grond van
de ernst van de overtreding,
de mate van verwijtbaarheid,
de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan of
de omstandigheden waarin de overtreder verkeert,
boeteoplegging volgens dit handhavingsbeleid onevenredig is.
2.Van een situatie als bedoeld in het vorige lid kan in beginsel slechts sprake zijn, indien sprake is van bijzondere omstandigheden waarin bij de vaststelling van dit handhavingsbeleid niet is voorzien.
Hoofdstuk 3
Artikel 9
Matiging
Onderdeel van Handhavingsbeleid wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen gemeente Lochem 2016