Naar hoofdinhoud
1.. De leden van de Monumentencommissie genoemd in artikel 1, lid 1, onder a, b en c worden op voordracht van de besturen van de genoemde organen door burgemeester en wethouders benoemd; 2.. De leden van de Monumentencommissie genoemd in artikel 1, onder d, e en f, worden door burgemeester en wethouders op persoonlijke titel benoemd; 3.. De leden van de Monumentencommissie, genoemd in lid 1, houden op lid van de Monumentencommissie te zijn op het moment dat zij geen deel meer uitmaken van organen die hen hebben voorgedragen; 4.. Burgemeester en wethouders voorzien binnen acht weken in een vacature; 5.. Voor zover de in lid 1 genoemde voordrachten niet zijn ontvangen binnen vier weken nadat burgemeester en wethouders daarom schriftelijk hebben verzocht, benoemen zij leden op persoonlijke titel; 6.. Burgemeester en wethouders gaan eerst over tot benoeming op persoonlijke titel als bedoeld in het vorige lid na de commissie Bestuurs- en Organisatiezaken uit de gemeenteraad te hebben gehoord; 7.. De leden worden benoemd voor een periode gelijk aan die van de zittende gemeenteraad voor zover zij een zittingstermijn van 8 jaar nog niet hebben bereikt; 8.. Burgemeester en wethouders kunnen, de commissie Bestuurs- en Organisatiezaken uit de gemeenteraad gehoord, in bijzondere gevallen van het bepaalde in het vorige lid afwijken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel