Ouders zijn te allen tijde verantwoordelijk voor het gedrag van hun kind in de (taxi)bus. Zij moeten hun kinderen instrueren zich zo te gedragen, dat tijdens het vervoer geen ongeregeldheden ontstaan.
In de informatiebrochure van de vervoerder staat verwoord wat er wordt verwacht van de leerling die vervoerd wordt. Het protocol dat wordt toegepast in geval van overlast:
In geval er sprake is van overlast maken ouders/verzorgers hun klacht kenbaar bij de vervoerder en proberen in overleg met de vervoerder tot een oplossing te komen.
Ook de vervoerder kan een klacht hebben over het gedrag van een leerling en naar aanleiding daarvan in contact treden met de ouders/verzorgers.
Wanneer het overleg tussen ouders en vervoerder niet tot een oplossing leidt, zal de gemeente in contact treden met beide partijen om het probleem helder te krijgen.
Als ouders/verzorgers hun kind niet kunnen corrigeren in hun gedrag tijdens het vervoer, kan een oplossing zijn dat één van hen als begeleider mee reist in het vervoer. De gemeente stelt dan een zitplaats ter beschikking tijdens het vervoer van de leerling. Voor de terugreis van de begeleider, dient deze zelf zorg te dragen. ’s Middags na schooltijd geldt hetzelfde in omgekeerde volgorde.
Het college kan een leerling aan wie een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer is verstrekt, tijdelijk of voor de rest van het schooljaar de toegang tot dit vervoer ontzeggen indien bij herhaling is gebleken dat de leerling door agressief gedrag of anderszins de orde in de bus verstoort of de veiligheid van bus en inzittenden in gevaar brengt. Als het zover komt, zal de gemeente hiervan mondeling of telefonisch mededeling doen, deze beslissing wordt schriftelijk bevestigd.
Hoofdstuk 5:
Artikel 20:
Overlast in het vervoer en ontzegging toegang tot vervoer
Onderdeel van Uitvoeringsregels leerlingenvervoer 2016 gemeente Brunssum