Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Ambtshalve beleid aanslagen en WOZ-beschikkingen

Onderdeel van Beleidsregels voor het toekennen van ambtshalve verminderingen van gemeentelijke belastingen

Ingeval het bedrag van de belasting had behoren te zijn vastgesteld op een bedrag dat lager is dan het vastgestelde bedrag van die belasting, verleent de heffingsambtenaar ambtshalve de vermindering waarvoor de belanghebbende redelijkerwijs in aanmerking komt, indien: een bezwaarschrift of een verzoekschrift niet ontvankelijk wordt verklaard wegens het te laat indienen van het bezwaarschrift of het verzoekschrift dan wel om andere redenen van formele aard, of uit enig feit blijkt dat een belastingaanslag tot een te hoog bedrag is vastgesteld en deze aanslag bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid niet gehandhaafd kan worden. indien een WOZ-beschikking onherroepelijk vaststaat doch dat binnen vijf jaren na het nemen van de beschikking blijkt dat de waarde te hoog is vastgesteld en de waarde had behoren te zijn vastgesteld op een bedrag dat ten minste 20% lager is met een minimum van € 5.000 wordt de waarde zo spoedig mogelijk bij beschikking verminderd. indien een vastgestelde waarde ten gunste van de belanghebbende wordt verminderd, wordt dienovereenkomstig en gelijktijdig bij beschikking de te hoog vastgestelde waarde ten gunste van alle overige belanghebbenden ten aanzien van wie met betrekking tot dezelfde onroerende zaak de waarde eveneens te hoog is vastgesteld, verminderd. indien het een ambtshalve vermindering van hondenbelasting betreft, wordt slechts vermindering verleend indien het bedrag van de belasting had behoren te zijn vastgesteld op een bedrag dat tenminste € 4,54 per aanslag lager is dan het te hoog vastgestelde bedrag van die belasting.

Rechtspraak bij dit artikel