Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1.1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Bouwverordening

1.. deze verordening wordt verstaan onder: bevoegd gezag: bestuursorgaan, als bedoeld in de Woningwet, artikel 1, eerste lid, onderdeel e, dan wel, bij het ontbreken van een bestuursorgaan als bedoeld in dit artikellid, burgemeester en wethouders; bouwbesluit: de algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 2 van de Woningwet; bouwlaag: een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder; bouwtoezicht: degene die ingevolge artikel 92, tweede lid, van de Woningwet in samenhang met artikel 5.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht belast is met het bouw- en woningtoezicht; bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren; dagverblijf: een centrum waar in georganiseerd verband gedurende hele of halve dagen of delen daarvan opvang plaatsvindt; erf: een bij een gebouw gehorend terrein, al of niet bebouwd met bijgebouwen; gebruiksoppervlakte: de gebruiksoppervlakte als bedoeld in het Bouwbesluit; hechtgebonden asbest: vervallen; goothoogte: de snijlijn van elk dakvlak met elk daaronder gelegen buitenwerk gevelvlak tot aan het hoogst aangrenzende punt van het aan het gebouw aansluitende afgewerkt terrein ter plaatse; hoogte van de weg: de hoogte van de weg zoals die door of namens burgemeester en wethouders is vastgesteld; kamerverhuur: het aan een persoon of meer personen woonverblijf verschaffen, anders dan een huishouden; kinderopvang: het in georganiseerd verband tegen vergoeding bieden van verzorging en opvoeding of onderdak en begeleiding aan kinderen van nul jaar tot en met einde basisschoolleeftijd door anderen dan de eigen ouders, pleeg- of stiefouders op uren dat ouders/verzorgers hiervoor niet beschikbaar zijn; NEN: een door de Stichting Nederlands Normalisatie-Instituut uitgegeven norm; NVN: een door de Stichting Nederlands Normalisatie-Instituut uitgegeven voornorm; omgevingsvergunning voor het bouwen: vergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; straatpeil: voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; weg: alle voor het openbaar rij- en ander verkeer openstaande wegen of paden daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de wegen of paden behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de wegen liggende en als zodanig aangeduide parkeerterreinen. 2.. In deze verordening wordt mede verstaan onder: bouwwerk - een gedeelte van een bouwwerk; gebouw - een gedeelte van een gebouw.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel