De garantstelling dient tot zekerheidsstelling van de geldverstrekker.
Uit oogpunt van risicobeheersing mag de aanvraag voor een garantstelling
en/of de daarop van toepassing zijnde offerte door de bank- of
financiële instelling geen bedingen bevatten die de aansprakelijkheid
van de gemeente, naast betaling van de contractueel vastgestelde rente-
en aflossingsverplichting, verhogen of uitbreiden.
De garantstelling wordt uitsluitend verleend voor het aantrekken
van een geldlening voor het doen van investeringen ten behoeve
van:
de verwerving van grond of onroerende zaken, inclusief
onderhoud, bouw of verbouw;
de verwerving van roerende zaken voor zover deze tot de
noodzakelijke inventaris van de instelling gerekend kunnen
worden tot een maximum van € 25.000,00;
De aanvrager is verplicht ten gunste van de gemeente onderpand
als zekerheid te geven als bedoeld in artikel 6 sub e van deze
verordening;
De looptijd van de garantstelling beloopt:
Maximaal 10 jaar: voor de verwerving van roerende zaken;
Maximaal 20 jaar: voor de verwerving van grond of onroerende
zaken, inclusief onderhoud, bouw of verbouw.
HOOFDSTUK 2
Artikel 8
De garantstelling
Onderdeel van Verordening gemeentelijke garantstelling gemeente Stichtse Vecht 2016