1.Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag
houtopstand te
vellen of te doen vellen.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor:
populieren en wilgen als wegbeplantingen en éénrijige
beplantingen op of langs landbouwgronden, tenzij deze zijn
geknot;
fruitbomen en windschermen van boomgaarden, uitgezonderd de
walnootboom;
sparrenbomen en alle andere coniferen/naaldsoorten, met
uitzondering van de Japanse notenboom (Ginko) en de
Taxusboom;
kweekgoed;
houtopstand, die bij wijze van dunning deels wordt
geveld;
houtopstand, die deel uitmaakt van als zodanig bij het
Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en niet gelegen
is binnen de bebouwde kom tenzij de houtopstand een
zelfstandige eenheid vormt en ofwel geen grotere oppervlakte
beslaat dan 10 are, ofwel in geval van rijbeplanting,
gerekend over het totale aantal rijen, niet
meer bomen omvat dan 20;
g.houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet
of krachtens aanschrijving of last van het college, zulks
onverminderd het bepaalde in 4:10A.9 van
deze afdeling;
het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van regulier
onderhoud;
het periodiek knotten of kandelaberen als cultuurmaatregel
bij daarvoor geschikte boomsoorten.
bomen die gekapt moeten worden i.v.m. aanvraag
omgevingsvergunning (bouwen)
conform bestemmingsplan.
HOOFDSTUK 3. › AFDELING 3.
Artikel 4:11
Verbod om houtopstand te vellen of te doen vellen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Stein 2016