Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7:21

Samenloop van bezoldiging bij ziekte met arbeidsongeschiktheidsuitkering

Onderdeel van Gemeentelijke arbeidsvoorwaardenregeling

1.. Indien de ambtenaar ter zake van de desbetreffende verhindering tot het vervullen van zijn betrekking recht heeft op een WAO-uitkering wordt het bedrag van die uitkering in mindering gebracht op het bedrag waarop hij op grond van artikel 7:3, eerste lid, recht heeft. 2.. Indien de ambtenaar recht heeft op een WAO-uitkering uit hoofde van twee of meer dienstbetrekkingen, wordt die uitkering naar rato van de bezoldiging uit de verschillende functies, in mindering gebracht op de dienstbetrekking op grond waarvan de bezoldiging wordt doorbetaald. 3.. Indien de ambtenaar geen WAO-uitkering aanvraagt binnen de WAO gestelde termijnen en hem dit redelijkerwijs kan worden verweten, wordt voor de periode dat hij dientengevolge geen WAO-uitkering ontvangt, voor de toepassing van dit artikel rekening gehouden met een WAO-uitkering zoals die zou zijn toegekend bij een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer. 4.. Indien als gevolg van handelingen of nalaten van handelingen door de ambtenaar, de mate van arbeidsongeschiktheid niet kan worden vastgesteld en hem dit redelijkerwijs kan worden verweten, wordt voor de toepassing van dit artikel rekening gehouden met een WAO-uitkering zoals die zou zijn toegekend bij een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer. 5. Indien als gevolg van handelingen of het nalaten van handelingen door betrokkene de WAO-uitkering vermindering ondergaat, dan wel het recht daarop geheel of gedeeltelijk wordt geweigerd, en hem dit redelijkerwijs kan worden verweten, wordt voor de toepassing van dit artikel uitgegaan van de WAO-uitkering zoals die werd genoten voor vermindering van het bedrag plaatsvond. 6. De ambtenaar verleent op verzoek van het college alle medewerking aan het via het college tot uitbetaling laten komen van de WAO-uitkering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel