Het college kan een vergunning wijzigen of intrekken, onder meer indien:
blijkt dat de vergunning op basis van onjuiste of onvolledige gegevens is verleend;
de vergunning in strijd met enig wettelijk voorschrift is afgegeven;
de vergunninghouder het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de vergunningvoorschriften niet naleeft;
het nodig is de kabels of leidingen te verwijderen of aan te passen in verband met:
het bouwrijp maken van een gedeelte van de openbare gronden;
het reconstrueren van een weg;
het realiseren van een ander werk;
het anderszins wijzigen van het gebruik of de bestemming van openbare gronden waarbij het aanwezig blijven van ondergrondse infrastructurele voorzieningen een belemmering vormt;
op grond van onvoorziene externe omstandigheden die optreden na het verlenen van de vergunning, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning is vereist;
de vergunninghouder dit verzoekt.
Hoofdstuk 2.
Artikel 12.
Wijziging of intrekking vergunning
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Barneveld