Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden op de begraafplaatsen: zich op hinderlijke wijze te gedragen; te colporteren of goederen voor verkoop aan te bieden; op enige wijze reclame te maken voor handel of bedrijf; op de graven te lopen of de begraafplaats te verontreinigen; de graven, de gedenktekens, de beplanting, de gebouwen en de paden te bekladden, te beschadigen of op enigerlei andere wijze te verontreinigen; dieren mee te nemen, met uitzondering van een hond ter begeleiding van een minder validen; te gaan zitten anders dan op de daartoe aangeboden zitplaatsen; zich toegang tot de begraafplaatsen te verschaffen anders dan via de daarvoor bestemde ingangen; iets te doen of na te laten dat in strijd is met de eerbied van de nagedachtenis van de overledene; rij- of voertuigen, met uitzondering van invalidenwagens, mee te nemen, anders dan ter gelegenheid van een begrafenis of tot het vervoeren van materialen bestemd voor op de begraafplaatsen te verrichten werkzaamheden. 2.. Het college kan ontheffing verlenen van de verboden, zoals genoemd in lid 1 onder punt j, van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel