De subsidieaanvraag wordt schriftelijk ingediend bij het college. Als door het college een aanvraagformulier is vastgesteld, wordt van dat formulier gebruik gemaakt.
Bij de subsidieaanvraag worden de volgende gegevens en stukken overgelegd, tenzij in een bijzondere verordening of in nadere regels anders is bepaald:
a. een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
b. de doelstellingen en resultaten, die daarmee worden nagestreefd, en hoe de activiteiten aan dat doel bijdragen; in het bijzonder in welke mate de activiteiten gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen en op door de gemeente vastgestelde doelen of beleidsterreinen;
c. een begroting voor de periode waarvoor subsidie wordt aangevraagd met daarin een overzicht van de geraamde inkomsten en uitgaven, voor zover deze betrekking hebben op de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
d. het inschrijvingsnummer uit het handelsregister;
e. een afschrift van het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van de aanvrager van het voorgaande jaar;
f. documenten waaruit de hoogte van de bezoldiging van de bij de aanvrager werkzame topfunctionarissen, als bedoeld in de zin van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, blijkt.
Het tweede lid, aanhef, onder d en e, is niet van toepassing als in het voorgaande jaar ook een subsidie is verstrekt en in de statuten of in de vermelding in het handelsregister sindsdien geen verandering is opgetreden (d) of als het college reeds in bezit is van genoemde stukken (e).
Het tweede lid, aanhef, onder d en e is niet van toepassing als de subsidieaanvraag wordt ingediend door een natuurlijk persoon.
Hoofdstuk 3
Artikel 5