Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II › Paragraaf 3

Artikel 19

Beraadslaging - Het voeren van het woord

Onderdeel van Reglement van orde voor de raadsvergaderingen en de commissies van de gemeenteraad van de gemeente Oegstgeest 2016

1.. Een raadslid voert het woord in de raad nadat de voorzitter van de raad daar toestemming voor heeft gegeven. 2.. De voorzitter van de raad verleent de leden het woord in de volgorde, waarin zij het hebben gevraagd, met dien verstande, dat over een initiatiefvoorstel, een interpellatie, een amendement, een subamendement of motie, allereerst de indiener of de voorsteller het woord mag voeren ter toelichting. 3.. De volgorde wordt doorbroken wanneer een raadslid een voorstel van orde wil indienen. De voorzitter van de raad verleent aan dat raadslid het woord en laat het bepaalde in het vorige lid buiten toepassing. De leden kunnen hierop in korte bewoordingen reageren na daartoe van de voorzitter van de raad verlof te hebben gekregen. 4.. De voorzitter en ieder raadslid kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht. 5.. Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen. 6.. Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.

Rechtspraak bij dit artikel