Naar hoofdinhoud
1.. De raad kan op voorstel van de desbetreffende fracties steunfractieleden benoemen. Iedere fractie in de raad heeft het recht maximaal drie steunfractieleden te doen benoemen. De kandidaat-steunfractieleden dienen te voldoen aan de eisen van het lidmaatschap van de raad. De artikelen 15 en 28 van de Gemeentewet zijn op de steunfractieleden van overeenkomstige toepassing. Het door de raad benoemde steunfractielid ontvangt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissies conform het bepaalde in de Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden. Alle bepalingen die van toepassing zijn op de leden van de commissies zijn van overeenkomstige toepassing op steunfractieleden. 2.. Alvorens hun functie te kunnen uitoefenen, leggen de steunfractieleden in handen van de voorzitter de volgende eed (verklaring en belofte) af: "Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot steunfractielid benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als steunfractielid naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!" (Dat verklaar en beloof ik!") 3.. In de beeldvormende en oordeelsvormende commissies hebben fracties zitting met maximaal 2 leden. 4.. De raadsfracties bepalen welke raadsleden en steunfractieleden bij de agendapunten het woord voeren namens de fractie. 5.. Steunfractieleden worden op voordracht van de fracties door de raad benoemd, uit de meerderjarige ingezetenen van de gemeente, en zijn inzetbaar voor werkgroepen, beeldvormende en oordeelsvormende commissies. 6.. De benoeming van de steunfractieleden heeft in de regel plaats in de eerste vergadering van een nieuwe zittingsperiode van de raad. De benoeming geschiedt voor de duur of bij een tussentijdse benoeming voor de resterende duur van de lopende zittingsperiode. 7.. Een steunfractielid die de hoedanigheid op grond waarvan hij steunfractielid is verliest, treedt tegelijkertijd af in de desbetreffende functie in de beeldvormende en oordeelsvormende commissies en werkgroepen. 8.. Steunfractieleden kunnen tussentijds ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. 9.. De commissie Audit bestaat uit maximaal vier raadsleden en maximaal twee plaatsvervangende commissieleden, die door de raad worden benoemd. De plaatsvervangende commissieleden zijn ofwel raadslid ofwel steunfractielid.

Rechtspraak bij dit artikel