Naar hoofdinhoud
1.. De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in de artikelen 7 en 8, wordt vastgesteld op: tien procent van de bijstandsnorm gedurende 1 maand bij gedragingen van de eerste categorie twintig procent van de bijstandsnorm gedurende 1 maand bij gedragingen van de tweede categorie; dertig procent van de bijstandsnorm gedurende 1 maand bij gedragingen van de derde categorie. 2.. Bij gedragingen van de eerste en tweede categorie kan van het opleggen van een maatregel, bedoeld in het eerste lid onderdeel a. en b. worden afgezien en worden volstaan met een schriftelijke waarschuwing.

Rechtspraak bij dit artikel