Indien de belanghebbende de verplichting op grond van de artikelen 17 WWB, 13 IOAW of 13 IOAZ niet of niet volledig is nagekomen door informatie die van belang kan zijn voor het verlenen van de uitkering of de voortzetting daarvan én het niet of niet behoorlijk nakomen van deze inlichtingenverplichting niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de uitkering, wordt de uitkering gedurende één maand verlaagd met vijf procent van de bijstandsnorm/grondslag;
Indien de belanghebbende niet of niet tijdig voldoet aan een oproep om in verband met de voorzetting van de uitkering op een gegeven plaats en tijd te verschijnen, wordt de uitkering gedurende één maand verlaagd met tien procent van de bijstandsnorm/ grondslag;
Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenverplichting als bedoeld in de artikelen 17 WWB, 13 IOAW of 13 IOAZ heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de uitkering, wordt een maatregel opgelegd, welke wordt afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag;
Onverminderd het gestelde in het derde lid van dit artikel wordt de maatregel op de volgende wijze vastgesteld:
bij een benadelingsbedrag tot € 500,-: tien procent van de bijstandsnorm/grondslag gedurende één maand
bij een benadelingsbedrag van € 500,- tot € 2.000,-: twintig procent van de bijstandsnorm/grondslag gedurende één maand;
bij een benadelingsbedrag van € 2.000,- tot € 4.000,-: veertig procent van de bijstandsnorm/grondslag gedurende één maand;
bij een benadelingsbedrag van € 4.000,- tot € 6.000,-: honderd procent van de bijstandsnorm/grondslag gedurende één maand;
bij een benadelingsbedrag van € 6.000,- tot € 8.000,-: honderd procent van de bijstandsnorm/grondslag gedurende twee maanden;
bij een benadelingsbedrag vanaf € 8.000,-: honderd procent van de bijstandsnorm/grondslag gedurende twee maanden plus één maand voor elke € 2.000,- waarmee het benadelingsbedrag boven € 8.000,- uitstijgt;
Met een besluit als bedoeld in dit artikel wordt gelijkgesteld het besluit om af te zien van het opleggen van een maatregel op grond van dringende redenen en de schriftelijke waarschuwing, als bedoeld in artikel 1:6, tweede en derde lid.
Artikel 3:2. Afzien van een maatregel bij het niet nakomen van de inlichtingenplicht
In afwijking van het gestelde in artikel 3:1 van deze verordening wordt van het opleggen van een maatregel afgezien zolang de maatregelwaardige gedraging wordt onderzocht door het Openbaar Ministerie en er terzake van de gedraging strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen of zodra het recht tot strafvervolging is vervallen, doordat het Openbaar Ministerie een schikking met belanghebbende heeft getroffen.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3:1.
Maatregelen niet nakomen inlichtingenplicht
Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB, IOAW, IOAZ Gemeente Ridderkerk