De voorbereiding van besluiten over onderstaande vergunningen of ontheffingen kan gecoördineerd worden met de in artikel 2 van deze verordening genoemde besluiten die de basis vormen voor de toepassing van de coördinatieregeling op grond van deze verordening:
een ontheffing als bedoeld in artikel 6 van de Woningwet;
een afwijking als bedoeld in artikel 3.6 lid 1 onder c van de Wet ruimtelijke ordening;
een ontheffing als bedoeld in artikel 11 van de Woningwet;
instemming voor het aanleggen, beschadigen, opbreken of veranderen van een weg, een uitwegvergunning of een kapvergunning als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening;
het besluit tot vaststelling van een hogere waarde (‘ontheffing’) als bedoeld in artikel 45, 47, 55, 61, 83, 85 of 100a van de Wet geluidhinder.
Artikel 3