Bij het ten gehore brengen van onversterkte muziek, zoals
bedoeld in artikel 2.18, eerste lid onder f en vijfde lid
van het Besluit binnen inrichtingen is de onder e. opgenomen
tabel van toepassing, met dien verstande dat:
de in de tabel aangegeven waarden binnen in- of
aanpandige gevoelige gebouwen niet gelden indien de
gebruiker van deze gevoelige gebouwen geen
toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren
of doen uitvoeren van geluidsmetingen;
de in de tabel aangegeven waarden op de gevel ook
gelden bij gevoelige terreinen op de grens van het
terrein;
de waarden in in- en aanpandige gevoelige gebouwen,
voor zover het woningen betreft, gelden in
geluidsgevoelige ruimten en verblijfsruimten;
bij het bepalen van de geluidsniveaus zoals vermeld
in de tabel wordt geen bedrijfsduurcorrectie
toegepast.
Tabel
7.00 – 19.00 uur
19.00– 23.00 uur
23.00 – 7.00 uur
LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
LAr,LT in in- en aanpandige gevoelige
gebouwen
35 dB(A)
30 dB(A)
25 dB(A)
LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen
70 dB(A)
65 dB(A)
60 dB(A)
LAmax in in- en aanpandige gevoelige
gebouwen
55 dB(A)
50 dB(A)
45 dB(A)
Voor de duur van vier uur in de week is onversterkte muziek,
vanwege het oefenen door muziekgezelschappen zoals onder
andere orkesten, harmonie- en fanfaregezelschappen, in een
inrichting gedurende de dag- en avondperiode uitgezonderd
van de genoemde geluidsniveaus in het eerste lid. Indien
versterkte elementen worden gecombineerd met onversterkte
elementen, wordt het hele samenspel beschouwd als versterkte
muziek en is het Besluit van toepassing.
Het eerste lid is niet van toepassing op collectieve en
incidentele festiviteiten als bedoeld in artikel 4:2 of
artikel 4:3 van deze verordening.
Het college kan afwijken van de geluidsnormen genoemd in lid
1 en het in lid 2 genoemde tijdsduur.
Hoofdstuk 4. › Afdeling 1.
Artikel 4:5
Onversterkte muziek
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2016