**1..** Indien een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdeel 5 en 6 van de Wet is geïndiceerd voor individueel vervoer via gebruikmaking van de eigen auto, een bruikleenauto of een gesloten buitenwagen, worden de kosten die samenhangen met parkeervoorzieningen vergoed, indien de persoon een inkomen heeft, dat niet hoger is dan twee maal het toepasselijke norminkomen op grond van de Wet werk en bijstand.
**2..** De parkeervoorzieningen, genoemd in het vorige lid, betreffen slechts :
de indicatiekosten;
de gehandicaptenparkeerkaart; en
de aanleg van een gehandicaptenparkeerplaats.
3.Voor de voorzieningen, genoemd in artikel 5.7, eerste en tweede lid, wordt geen eigen bijdrage opgelegd.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.7
Vergoeding gehandicaptenparkeervoorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Arnhem 2010.