**1..** Het is verboden om in een archeologisch monument, bedoeld in artikel
1, onder a, sub 2 of een archeologisch verwachtingsgebied, bedoeld
in artikel 1, onder i, de bodem te verstoren.
**2..** Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien;
in het geldende bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen
omtrent archeologische monumentenzorg;
sprake is van een activiteit als bedoeld in artikel 2.12,
eerste en tweede lid, van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht en in de vergunning voorschriften zijn
opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg;
het college nadere regels stelt met betrekking tot de
uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring
van een archeologisch monument of archeologisch
verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke
archeologische waardenkaart;
een rapport is overgelegd waarin de archeologische waarde
van het te verstoren terrein naar het oordeel van het
bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld en waaruit
blijkt dat:
het behoud van de archeologische waarden in
voldoende mate kan worden geborgd; of
de archeologische waarden door de verstoring niet
onevenredig worden geschaad; of
in het geheel geen archeologische waarden aanwezig
zijn.
Hoofdstuk 6
Artikel 21
Instandhoudingsbepaling
Onderdeel van Erfgoedverordening Capelle aan den IJssel 2010