1.Als de belanghebbende zich binnen 12 maanden na het begaan van een
gedraging genoemdin de artikelen 6,7,11,12,13 van deze verordening
opnieuw schuldig maakt aan eenzelfdeverwijtbare gedraging of een
maatregel van dezelfde categorie, wordt de duur van de op te leggen
maatregel verdubbeld.
2.Als de belanghebbende zich binnen 12 maanden na het begaan van een
tweede gedragingzoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel opnieuw
schuldig maakt aan eenzelfde gedraging of een gedraging van dezelfde
categorie, wordt de hoogte van de maatregel en de duur van de maatregel
individueel vastgesteld, rekening houdend met de ernst van de gedraging,
de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden.
3.De maatregel zoals bedoeld in het tweede lid van dit artikel is in
ieder geval van dezelfde hoogteen duur als de maatregel zoals bedoeld in
het eerste lid van dit artikel.
4.Ingeval van een derde en volgende gedraging zoals bedoel in het eerste
lid van dit artikel kanhet dagelijks bestuur in voorkomende gevallen
gebruik maken van de mogelijkheid tot individuele afstemming waarbij
zowel het percentage als de duur van de maatregel individueel beoordeeld
en vastgesteld wordt rekening houdend met de ernst van de gedraging,
de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden.