**1..** Het Algemeen Bestuur benoemt in de eerste vergadering van elke zittingsperiode uit zijn midden een Dagelijks Bestuur.
**2..** Het Dagelijks Bestuur wordt gekozen uit het Algemeen Bestuur zoals aangegeven in lid 1 van dit artikel, waarbij elke deelnemende gemeente één lid afvaardigt, de voorzitter hier niet bij meegerekend (zie artikel 15 van deze regeling). Bij de benoeming van de leden zorgt het Algemeen Bestuur ervoor dat de leden ieder afkomstig zijn uit de afzonderlijke deelnemende gemeenten.
**3..** Voor elk lid van het Dagelijks Bestuur wijst het Algemeen Bestuur bij langdurige afwezigheid een plaatsvervangend lid uit de afzonderlijke gemeenten aan. (noot: Bij vervanging met een incidenteel of tijdelijk karakter kan worden volstaan met een interne vervangingsregeling binnen het Dagelijks Bestuur.)
**4..** De leden van het Dagelijks Bestuur treden af als lid van dat bestuur met ingang van de dag waarop de zittingsperiode van het Algemeen Bestuur afloopt. Zij blijven hun functie waarnemen tot het tijdstip waarop het Algemeen Bestuur een nieuw Dagelijks Bestuur heeft aangewezen.
**5..** Een lid van het Dagelijks Bestuur kan te allen tijde ontslag nemen.
**6..** Degene die tussentijds ophoudt lid van het Algemeen Bestuur te zijn, houdt tevens op lid van het Dagelijks Bestuur te zijn.
**7..** Indien tussentijds een vacature ontstaat in het Dagelijks Bestuur, wijst het Algemeen Bestuur zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan.
**8..** Een lid van het Dagelijks Bestuur kan door het Algemeen Bestuur worden ontslagen, indien dit lid niet langer het vertrouwen van het Algemeen Bestuur geniet. De artikelen 49 en 50 Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. Op het ontslagbesluit is artikel 7:1 Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.
HOOFDSTUK 4:
Artikel 11:
Samenstelling
Onderdeel van gemeenschappelijke regeling tot vorming van een openbaar lichaam genaamd “OVER-gemeenten”