Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.3

Gebruikelijke zorg

Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Arnhem

Met betrekking tot de gebruikelijke zorg, zoals genoemd in artikel 3.3 van de verordening, is bepaald, dat: De gebruikelijke zorg de normale, dagelijkse zorg betreft die partners of ouders en inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden. Iedere volwassen burger verondersteld wordt naast een volledige baan of opleiding een huishouden te kunnen voeren. Gebruikelijke zorg voor gaat op andere activiteiten van leden van de leefeenheid in het kader van hun maatschappelijke participatie. Er wel aanspraak op zorg bestaat, als een huisgenoot of partner zodanige gezondheidsproblemen heeft dat deze de desbetreffende taken van gebruikelijke zorg niet kan uitvoeren. De huisgenoot of partner dient altijd persoonlijk gehoord te worden (het hebben van alleen telefonisch contact is dus onvoldoende). Er wel aanspraak op zorg bestaat, als een huisgenoot of partner door het leveren van gebruikelijke zorg overbelast dreigt te raken door de combinatie van werk en verzorging van de zieke partner/huisgenoot. De huisgenoot of partner dient altijd persoonlijk gehoord te worden (het hebben van alleen telefonisch contact is dus onvoldoende). Er wel aanspraak op zorg (niet uitstelbare taken) bestaat, als de huisgenoot of partner vanwege zijn/ haar werk fysiek niet aanwezig is en er sprake is van een aaneengesloten perioden van in beginsel vijf etmalen. De afwezigheid moet dan een verplichtend karakter hebben en inherent zijn aan het hebben van een dienstverband. Er wel aanspraak op zorg bestaat, als belanghebbende een zeer korte, bekende levensverwachting heeft, teneinde de huisgenoot of partner te ontlasten. Van een volwassen gezonde huisgenoot wordt verwacht dat deze de huishoudelijke taken overneemt wanneer de primaire verzorger uitvalt. Als in redelijkheid niet (meer) kan worden verondersteld dat een nieuwe taak als het voeren van een huishouden nog is te trainen of aan te leren, zoals bij ouderen op hoge leeftijd (>75 jaar) kan, indien nodig, hulp voor de zwaar huishoudelijke taken worden geïndiceerd die anders tot de gebruikelijke zorg zouden worden gerekend. Kinderen tot vijf jaar geen bijdrage leveren aan de huishouding. Kinderen tussen de 5 en 13 jaar naar hun eigen mogelijkheden worden betrokken bij lichte huishoudelijke werkzaamheden als opruimen, tafel dekken/afruimen, afwassen /afdrogen, boodschappen doen, kleding in de wasmand gooien. Kinderen vanaf 13 jaar, naast de taken genoemd in het tiende lid, hun eigen kamer op orde kunnen houden, d.w.z. rommel opruimen stofzuigen en bed verschonen. Van inwonende kinderen vanaf 18 jaar tot 23 jaar wordt in principe verwacht, dat zij huishoudelijke taken overnemen, als de primaire verzorger uitvalt, waarbij de volgende taken te onderscheiden zijn: schoonhouden van sanitaire ruimten; schoonhouden van de keuken en de eigen kamer; de was doen; boodschappen doen; maaltijden verzorgen; afwassen en opruimen. Te normeren naar 2 uur uitstelbare, zware huishoudelijke taken en 3 uur lichte, niet uitstelbare huishoudelijke taken per week. Niet-uitstelbare taken zijn : maaltijd verzorgen, de kinderen verzorgen, afwassen en opruimen. Wel-uitstelbare taken zijn: wasverzorging, boodschappen doen en zwaar huishoudelijk werk: stofzuigen, sanitair en keuken schoonmaken en bedden verschonen. Een volledige overname van alle taken is niet redelijk en realiseerbaar, indien er sprake is van kleine kinderen. In deze situaties dient er sprake te zijn van maatwerk. 13. Van een kind vanaf 23 jaar wordt verondersteld, dat deze een volledig huishouden kan draaien. Een verdere uitwerking van de gebruikelijke zorg vindt plaats in de werkinstructie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel