Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.11.

Anti-speculatiebeding

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Diemen 2009

1.. De eigenaar-bewoner, die krachtens deze Verordening of krachtens een aan deze Verordening voorafgaande Wmo-verordening of WVG-verordening een persoonsgebonden budget voor een woonvoorziening als bedoeld in artikel 4.1 onderdeel b. en g. heeft ontvangen en die binnen een periode van vijf jaar na de datum van gereedmelding van de werkzaamheden de woning verkoopt, is gehouden om binnen een week na het passeren van de akte het college hiervan schriftelijk op de hoogte te stellen. Het persoonsgebonden budget kan door het college (deels) worden teruggevorderd. 2.. De restitutie als bedoeld in het eerste lid bedraagt:  voor het eerste jaar 100 % van het persoonsgebonden budget,  voor het tweede jaar 80 % van het persoonsgebonden budget,  voor het derde jaar 60 % van het persoonsgebonden budget,  voor het vierde jaar 40 % van het persoonsgebonden budget,  voor het vijfde jaar 20 % van het persoonsgebonden budget.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel