Naar hoofdinhoud
1. Een investeringssubsidie kan worden verleend indien is voldaan aan de volgende voorwaarden: de betreffende maatregelen in het investeringsplan, onderscheidenlijk het programma van éénmalige investeringen, dragen naar het oordeel van Gedeputeerde Staten bij aan de realisatie van het op basis van artikel 10, eerste lid, onderdeel b, onderscheidenlijk artikel 10, vijfde lid, onderdeel c, omschreven en in artikel 8 bedoelde investeringsdoel; het op basis van artikel 10, eerste lid, onderdeel b, onderscheidenlijk artikel 10, vijfde lid, onderdeel c, omschreven investeringsdoel is in overeenstemming met het natuurbeheerplan zoals dat op de datum van aanvraag van de betreffende subsidie gold; de maatregelen die het investeringsplan, onderscheidenlijk het programma van éénmalige investeringen, beschrijft realiseren deze omzetting, verhoging van de kwaliteit, realisatie of aanleg als vermeld in onderdeel a efficiënt en effectief; er is geen aanvang gemaakt met de uitvoering van de inrichtingsmaatregelen vóórdat: de taxatie, bedoeld in artikel 20, derde lid, door de DLG is uitgevoerd, indien de aan- vraag voor een investeringssubsidie vergezeld gaat van een aanvraag voor een sub- sidie functieverandering als bedoeld in artikel 15, dan wel de ontvangst van de aanvraag voor investeringssubsidie door of namens Gedepu- teerde Staten is bevestigd, voor zover het andere gevallen dan onder i. betreft; de inrichtingsmaatregelen leiden tot: een natuurbeheertype dat voldoet aan de betreffende eisen zoals opgenomen in de Index Natuur en Landschap; een agrarisch beheerpakket, beheerpakket landschap of landschapselement dat voldoet aan de betreffende instapeisen zoals opgenomen in de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer {…naam provincie…}. 2. Onverminderd het eerste lid kan een investeringssubsidie als bedoeld in artikel 8 slechts worden verleend indien de aanvrager schriftelijk verklaart ten minste zes jaar na afronding van de inrichtingsmaatregelen, bedoeld in het eerste lid, beheer gericht op de instandhouding van het natuurbeheertype of het landschapselement, dan wel de uitvoering van een agrarisch beheerpakket of beheerpakket landschap, te blijven voeren. Deze verplichting vervalt voor zover hij voor die instandhouding onderscheidenlijk uitvoering een corresponderende subsidie op grond van de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer {…naam provincie…} heeft aangevraagd en ontvangt. De subsidieaanvraag op basis van de voornoemde regeling wordt ingediend in de eerstvolgende openstellingsperiode na het indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling, bedoeld in artikel 14c. 3. Indien een subsidieontvanger subsidie ontvangt op grond van een aanvraag als bedoeld in het tweede lid, tweede volzin, en de beschikking tot subsidieverlening wordt ingetrokken omdat de subsidieontvanger toerekenbaar niet voldaan heeft aan de subsidieverplichtingen, dan is voor de resterende periode de in het tweede lid, eerste volzin, bedoelde instandhoudings- respectievelijk uitvoeringsplicht weer van toepassing tot de termijn van zes jaar na afronding van de inrichtingsmaatregelen is verstreken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel