Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Afdeling 1.

Artikel 4:2

Aanwijzing collectieve festiviteiten

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Sliedrecht 2016

1.. De geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel 4:4 van deze verordening gelden niet voor door het college per kalenderjaar aan te wijzen collectieve festiviteiten gedurende de daarbij aan te wijzen dagen of dagdelen. 2.. De voorwaarden met betrekking tot de verlichting ten behoeve van sportbeoefening in de buitenlucht als bedoeld in artikel 3.148, eerste lid, van het Besluit gelden niet voor door het college per kalenderjaar aan te wijzen collectieve festiviteiten gedurende de daarbij aan te wijzen dagen of dagdelen. 3.. Het college maakt de aanwijzing ten minste vier weken voor het begin van een nieuw kalenderjaar bekend. 4.. Het college kan wanneer een collectieve festiviteit redelijkerwijs niet te voorzien was, een festiviteit terstond als collectieve festiviteit als bedoeld in het eerste lid aanwijzen. 5.. Het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau LAr,LT veroorzaakt door de inrichting, bedraagt niet meer dan 20 dB(A) boven de waarden zoals opgenomen in het Besluit. 6.. De beoordeling van de geluidswaarde als bedoeld in het vijfde lid is conform de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai (HMRI), waarbij geen 10 dB(A) toeslag vanwege muziekcorrectie wordt toegepast. In afwijking van artikel 2.18.1.f van het Besluit wordt ook onversterkte muziek bij de beoordeling betrokken. Indien sprake is van muziekgeluid wordt conform artikel 2.18.2 van het besluit de bedrijfsduurcorrectie buiten beschouwing gelaten. 7.. Op de dagen als bedoeld in het eerste lid dient het ten gehore brengen van extra muziek - hoger dan de geluidsnorm als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel 4:4 van deze verordening- uiterlijk om 0.00 uur te worden beëindigd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel