Naar hoofdinhoud
1.. Het ingediende resultatenverslag over het laatste subsidiejaar, samen met de eerdere resultatenverslagen, geldt als een aanvraag tot vaststelling van de subsidie ingevolge artikel 4:44 van de Awb. 2. . Het college stelt binnen 24 weken de subsidie overeenkomstig de subsidieverlening vast. 3. . De subsidie kan naast de gevallen als vermeld in artikel 4:46, tweede en derde lid, van de Awb, lager worden vastgesteld, indien: a. is gebleken, dat de subsidie aan andere resultaten is besteed dan waarvoor zij is aangevraagd of verstrekt; de subsidieontvanger feitelijk niet of niet voldoende overeenkomstig zijn doelstellingen werkzaam is en hier ondanks ontvangen schriftelijke waarschuwing geen verandering in brengt; de subsidieontvanger een financieel wanbeleid voert; de rechtspersoon bij rechterlijk vonnis is ontbonden; bij de subsidieontvanger conservatoir of executoriaal beslag is gelegd op het vermogen of een deel ervan; aan de subsidieontvanger surseance van betaling is verleend; de subsidieontvanger in staat van faillissement is verklaard. 4. . Het college kan, zolang de subsidie niet is vastgesteld, de subsidieverlening intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen als zich een geval voordoet als genoemd in artikel 4:48, eerste lid, en artikel 4:50, eerste lid, van de Awb, of een geval als genoemd in het derde lid. In het geval van toepassing van artikel 4:50 van de Awb moet een redelijke termijn in acht worden genomen. 5. . Het college kan een vastgestelde subsidie intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen in de gevallen als genoemd in artikel 4:49, eerste lid, van de Awb.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel