1 De commissie komt bijeen op verzoek van één of meerdere hierna te noemen partijen;
het college;
de voorzitter;
de meerderheid van de leden als bedoeld in artikel 2 lid 1.
2 De commissie beraadslaagt tenminste driemaal per jaar.
3 De commissie beraadslaagt in het openbaar tenzij dit, door of namens het college, de voorzitter of de commissie, ongewenst geacht wordt met het oog op o.a. veiligheid of andere moverende redenen die een (gemeentelijk) belang kunnen schaden.
4 Elk door het college benoemde commissielid heeft één stem en dient vrij van last te stemmen.
5 Over een onderwerp kan slechts een advies worden uitgebracht indien tenminste de helft der stemgerechtigde leden plus één aanwezig is.
6 Het advies wordt gemotiveerd en schriftelijk uitgebracht.
7 Indien een advies steunt op de minimale meerderheid, brengt de commissie een advies uit dat ook de mening weergeeft van de grootste minderheid.
8 Het lid of de leden van de monumentencommissie die zitting hebben in de geïntegreerde welstands-en monumentencommissie brengen schriftelijk het standpunt van de geïntegreerde welstands- en monumentencommissie ter kennis van de monumentencommissie.
9 De commissie kan het college verzoeken de door het college aangewezen functionele ambtenaar inzake monumenten (de monumentencoördinator) werkzaamheden te laten verrichten op grond van wetten, verordeningen en/of regelingen monumenten betreffende.
10 De commissie kan in een vergadering spreekrecht aan een belanghebbende geven.
Zowel het college als de commissie kunnen één of meerdere adviseurs zonder stemrecht uitnodigen.
De voorzitter is verantwoordelijk voor de interne communicatie van de commissie. Hij draagt tevens zorg voor een geregeld contact van de commissie met het college.