Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.

Artikel 17.

Spreekrecht burgers

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies van de gemeente Bernheze 2016

1.. Burgers kunnen in een vergadering het woord voeren (spreekrecht) over onderwerpen die geagendeerd zijn. 2.. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit binnen een redelijke termijn voor de aanvang van de vergadering aan de commissiegriffier onder vermelding van zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover het woord gevoerd wenst te worden. 3.. De commissievoorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De commissievoorzitter kan van de volgorde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering. 4.. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 5.. De spreker voert het woord, nadat de commissievoorzitter hem dit heeft verleend. 6.. De spreker mag vervolgens tijdens de eerste termijn deelnemen aan de beraadslagingen van de commissie. 7.. De spreker neemt geen deel aan de beraadslagingen in de tweede termijn. 8.. De commissievoorzitter of een commissielid doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger.

Rechtspraak bij dit artikel