Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening rioolheffing 2017

Het eigenarendeel wordt geheven naar een vast bedrag peronroerende zaak. Het gebruikersdeel wordt geheven naar het aantal kubieke meters water dat vanuit de onroerende zaak wordt afgevoerd. Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters water dat is afgenomen van Brabant Water B.V. in de verbruiksperiode voorafgaande aan het belastingjaar, vermeerderd met het aantal kubieke meters water dat in de bedoelde verbruiksperiode werd verkregen door middel van een eigen pompinstallatie. In geval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die pompinstallatie zijn voorzien van een: a. watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan wordenafgelezen, of b. bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling. De op de voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd of gepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet is afgevoerd. In afwijking van de voorgaande leden van dit artikel wordt bij incidentele lozingen van beperkte duur, daar waar het gaat om machinaal lozen van water uit bouwputten op de riolering van de gemeente, hetzij direct, hetzij indirect, het gebruikersdeel geheven per lozingspunt.

Rechtspraak bij dit artikel