De door het college te verstrekken maatwerkvoorzieningen op het gebied van de zelfredzaamheid en maatschappelijk participatie stellen de cliënt in staat:
een huishouden te voeren, waaronder wordt verstaan:
het beschikken over een schoon en leefbaar huis;
het beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften;
het beschikken over schone en draagbare kleding;
het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren.
de woning normaal te kunnen gebruiken, waaronder wordt verstaan:
het bereiken van de woning;
het zich kunnen verplaatsen in en om de woning.
zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel;
medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan;
zelf regie te voeren over het dagelijkse leven, waaronder wordt verstaan:
het voeren van regie over de zelfzorghandelingen;
het vermogen heeft tot sociaal functioneren in de dagelijkse leefsituaties, zoals thuis en in relatie met vrienden en familie;
het vermogen heeft om zelf in het structureren van zijn dag te voorzien;
zelf besluiten kan nemen en regie voeren.
een dagstructuur te hebben, waaronder wordt verstaan:
het hebben van een zinvolle dagbesteding, gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden;
het hebben van een evenwichtig dag- en nachtritme.
Om een huishouden te voeren, zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel neemt het college bij de toekenning van een maatwerkvoorziening over hulp bij het huishouden in ieder geval een besluit over de noodzaak van het verrichten dan wel het bieden van ondersteuning bij de onderstaande taken alsmede de hierbij behorende frequentie, te weten:
de broodmaaltijd bereiden
het verrichten van licht huishoudelijk werk
het verrichten van zwaar huishoudelijk werk
het verzorgen van de was
het doen van boodschappen
de dagelijkse organisatie van het huishouden
het geven van advies, instructie, voorlichting, gericht op het huishouden.
Het college houdt hierbij in ieder geval ook rekening met de behoeften, persoonskenmerken en de voorkeuren van de cliënt.
Bij de verlening van een maatwerkvoorziening over hulp bij het huishouden aan een belang- hebbende, houdt het college rekening met de gebruikelijke hulp die huisgenoten hierbij kunnen bieden.
Het college kan ten aanzien van het bepaalde in dit hoofdstuk nadere regels stellen.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
De te bereiken resultaten
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Vught 2017 ev