In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de:
voorlopige aanslagen worden betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand, volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, de tweede een maand na de eerste vervaldag en zo vervolgens.
overige aanslagen worden betaald in één termijn, welke vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 10
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting 2017