Naar hoofdinhoud
1.. Vergunningen en ontheffingen verleend krachtens de verordening bedoeld in artikel 22 blijven - indien en voor zover het gebod of het verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening van kracht tot de termijn waarvoor zij werden verleend, is verstreken of totdat zij worden ingetrokken. 2. Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de verordening bedoeld in artikel 22 blijven – indien en voor zover de bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening – van kracht tot de termijn waarvoor zij werden verleend, is verstreken of totdat zij worden ingetrokken. 3. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van de verordening bedoeld in artikel 22 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding nog niet op die aanvraag is beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als een aanvraag tot vergunning of ontheffing, als bedoeld in deze verordening. 4. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een vergunning of ontheffing als bedoeld in het eerste lid, dan wel voorschrift of beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 25 is ingekomen binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de verordening bedoeld in artikel 22. 5. De intrekking van de verordening als bedoeld in artikel 22, heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken. 2.. Voorschriften en beperkingen opgelgd krachtens de verordening bedoeld in artikel 22 blijven - indien en voor zover de bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening - van kracht tot de termijn waarvoor zij werden verleend, is verstreken of totdt zij worden ingetrokken. 3.. Indien voor het tijdstip van intwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van de verordening bedoeld in artikel 22 is ingediend en voor het tijdstip van intwerkingtreding nog niet op die aanvraag is beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als een aanvraag tot vergunning o ontheffing, als bedoeld in deze verordening. 4.. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een vergunning of ontheffing als bedoeld in het eerste lid, dan wel voorschrift of beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 25 is ingekomen binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de verordening bedoeld in artikel 22. 5.. De intrekking van de verordening als bedoeld in artikel 22, heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel