**1..** Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd:
voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde
cliëntondersteuning, en,
voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang hij van de
maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode
waarvoor het pgb wordt verstrekt, en afhankelijk van het inkomen
en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot.
**2..** De hoogte van de bijdrage voor een algemene voorziening wordt bepaald
aan de hand van en tot het maximum van de kostprijs van deze
voorziening.
**3..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening en pgb wordt bepaald:
door een aanbesteding;
na een consultatie in de markt, of;
in overleg met de aanbieder.
**4..** In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de Wmo 2015,
worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door het CAK
vastgesteld en geïnd.
**5..** Als de bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een
woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd, is de
bijdrage verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder
begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het
Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is afgewezen, en degene die anders
dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een
cliënt.
**6..** De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die
gelden voor de berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die
genoemd in artikel 3.8, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo
2015.
Artikel 7.
Regels voor bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en algemene voorzieningen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Haaksbergen (4.15c)