Als één ruimte wordt aangemerkt:
een binnen de gemeente gelegen ruimte;
een gedeelte van een in onderdeel a bedoelde ruimte dat blijkens
zijn indeling is bestemd om als een afzonderlijk geheel te
worden gebruikt;
een samenstel van twee of meer onder a bedoelde ruimten of in
onderdeel b bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde persoon
in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij
elkaar behoren;
het binnen de gemeente gelegen deel van een in onderdeel a
bedoelde ruimte, van een in onderdeel b bedoeld gedeelte daarvan
of van een in onderdeel c bedoeld samenstel.
Artikel 3
Belastingobject
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2017