De verordening verstaat onder:
inspraak: het ten aanzien van gemeentelijke beleidsvoornemens kenbaar maken van een zienswijze en daarover van gedachten wisselen met het betreffende bestuursorgaan;
participatie: het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid;
inspraakprocedure: de wijze waarop de inspraak gestalte wordt gegeven;
beleidsvoornemen: het voornemen van het bestuursorgaan tot het vaststellen of wijzigen van beleid;
randvoorwaarden: aan de participatie ten grondslag liggende feiten, waarop het bestuursorgaan geen invloed heeft, dan wel door het bestuursorgaan aan participatie meegegeven kaders.