1.De ‘Legesverordening 2016 van 8 december 2015, , de “Eerste wijziging
Legesverordening 2016” van 18 februari 2016 en de “Tweede wijziging
Legesverordening 2016 van 19 april 2016 ”worden ingetrokken met ingang
van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de
heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de
belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
a. die zich voor die datum hebben voorgedaan;
b. waarop de Wet ruimtelijke ordening of de Woningwet zoals deze luidden
voor inwerkingtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht nog
moeten worden toegepast.
2. Indien de datum van inwerkingtreding van deze
verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, opgenomen datum van
ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening
gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare
feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode
plaatsvindt
3. Indien het voorstel van Rijkswet tot wijziging van de Paspoortwet in
verband met het van rechtswege laten vervallen vaan reisdocumenten van
personen aan wie een uitreisverbod is opgelegd (Kamerstukken I
2015/2016, 34358 (R2065), nr A), tot wet is of wordt verheven en artikel
I van die wet in werking treedt, wordt in artikel 2, onder nummering van
de bestaande tekst tot eerste lid, een tweede lid toegevoegd,
luidende:
2.Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is
bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op
het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft
bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende
Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod,
ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.
4. Indien artikel 10.8, onderdeel B, van de Wet natuurbescherming in
werking treedt, wordende onderdelen 2.3.12 en 2.3.13 van de bij deze
verordening behorende tarieventabel vervangen door:
2.3.12
Projecten of handelingen in het kader van de Wet
natuurbescherming
(bescherming van een Natura 2000-gebied)
Indien de aanvraag tot het verlenen van
omgevingsvergunning betrekking heeft op een project
of het verrichten van een andere handeling als
bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder j, van de
Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde
in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien
tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde
activiteiten
€ 574,00
2.3.13
Handelingen in het kader van de Wet
natuurbescherming
(bescherming van soorten)
Indien de aanvraag tot het verlenen van een
omgevingsvergunning betrekking heeft op het
verrichten van een handeling als bedoeld in artikel
2.1 eerste lid, onder k, van de Wabo, bedraagt het
tarief, onverminderd het bepaalde in andere
onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is
€ 574,00
Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2017.
De datum van ingang van de heffing is 1 januari 207.
Hoofdstuk
Artikel 12
Inwerkingtreding en overgangsrecht
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van leges 2017