Deze verordening verstaat onder:
1.
begraafplaats:
de algemene begraafplaatsen te Coevorden, Dalen, Dalerpeel, Geesbrug, Oosterhesselen, Schoonoord, Sleen en Zweeloo;
2.
particulier graf:
een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
-het doen begraven en begraven houden van lijken;
-het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
-het doen verstrooien van as;
3.
particulier urnengraf:
een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
-het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
-het doen verstrooien van as;
4.
asbus:
een bus ter berging van as van een overledene;
5.
urn:
een voorwerp ter berging van één of meer asbussen;
6.
verstrooiingsplaats:
een plaats, waarvoor het recht is verleend om as te verstrooien.