Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Het besluit tot vaststelling

Onderdeel van Beleidsregels Tegemoetkoming kosten kinderopvang 2017

1.. De ouder verstrekt aan het college, uiterlijk op 1 maart volgend op het berekeningsjaar waarin de tegemoetkoming is verleend, het overzicht van de werkelijke kosten van kinderopvang over de periode waarover de tegemoetkoming bij wijze van voorschot is verleend. 2.. De ouder verstrekt aan het college, uiterlijk op 1 maart volgend op het berekeningsjaar waarin de tegemoetkoming is verleend, de definitieve toekenning kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst over de periode waarover de tegemoetkoming bij wijze van voorschot is verleend. 3.. Het college stelt de definitieve tegemoetkoming uiterlijk binnen drie maanden na ontvangst van het overzicht van de kosten en de definitieve toekenning kinderopvangtoeslag vast. 4.. De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen één maand betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten. 5.. Indien de vastgestelde tegemoetkoming lager is dan de betaalde voorschotten wordt het teveel betaalde aan voorschotten teruggevorderd. 6.. Indien de vastgestelde tegemoetkoming hoger is dan de betaalde voorschotten wordt het te weinig betaalde aan voorschotten nabetaald. 7.. Indien de ouder in gebreke blijft de gevraagde gegevens zoals genoemd in lid 1 en lid 2 te verstrekken, kan het juiste recht op tegemoetkoming niet worden vastgesteld en wordt het totaal betaalde aan voorschotten teruggevorderd. 8.. Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel