Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Tarief en berekening van de belasting

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting Bedrijventerreinen 2017

De belasting wordt geheven van elke belastingplichtige met een openbare aankondiging. Het tarief van de reclamebelasting bedraagt bij een vastgestelde WOZ-waarde per object per bedrijventerrein: WOZ-waarde Bedrijventerrein Deelgebruik -geen WOZ-waarde tot € 250.000 € 250.000 tot € 1.000.000 vanaf € 1.000.000 Het Laar € 125 € 250 € 500 € 1.000 Kanaalzone Noord € 125 € 250 € 500 € 1.000 Kanaalzone Zuid € 125 € 250 € 500 € 1.000 Katsbogten € 125 € 250 € 500 € 1.000 Kraaiven € 125 € 250 € 500 € 1.000 Kreitenmolen € 125 € 250 € 500 € 1.000 Loven € 125 € 250 € 500 € 1.000 Vossenberg € 125 € 250 € 500 € 1.000 Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken, wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken. Indien er sprake is van deelgebruik van één onroerende zaak en er voor deze delen, volgens de wet WOZ, geen waarde wordt toegekend, is elke belastingplichtige een tarief verschuldigd zoals vermeld in artikel 8, lid 2 (Deelgebruik, geen WOZ-waarde). Indien de vastgestelde WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar beneden wordt bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd indien de lagere WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor de reclamebelasting. Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg, wordt voor de berekening van de reclamebelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij artikel 7 van overeenkomstige toepassing is.

Rechtspraak bij dit artikel